Genesis 37–50
Jozef in Egypte
Vaders lieveling, door zijn broers verkocht, slaaf, gevangene, en dan de tweede man van Egypte. Een verhaal over jaloezie en vergeving, en over een God die van kwaad iets goeds maakt.
Van lieveling tot gevangene
Het eerste deel gaat alleen maar omlaag: een put, een slavenmarkt, een cel. Maar telkens staat er: de HEER was met Jozef.
Stap 1 van 5: Een bijzondere mantel
Een bijzondere mantel
Jakob houdt van Jozef meer dan van zijn andere zonen, want hij is de zoon van zijn ouderdom, van Rachel. Hij geeft hem een prachtige mantel. De broers zien het en kunnen geen vriendelijk woord meer tegen hem zeggen.
Jozef kreeg van zijn vader een prachtige jas. Zijn broers werden jaloers.
Hierover verschillen de meningen: Het Hebreeuwse woord is zeldzaam: ‘veelkleurig’, zoals oude vertalingen lezen, of ‘met lange mouwen’, een mantel voor wie niet hoeft te werken. Hoe dan ook: een teken dat Jozef vaders lieveling was.
Zes dromen
Dromen zetten het verhaal in beweging. Jozef droomt er twee, en legt er vier uit. Draai de kaarten om.
Schoven die buigen
De schoven van de broers buigen voor die van Jozef. Twintig jaar later buigen de broers in Egypte echt voor hem.
Zon, maan en elf sterren
Ook vader en moeder zullen voor hem buigen, begrijpt Jakob. Hij berispt Jozef, maar houdt het in gedachten.
Een wijnstok met drie ranken
Over drie dagen krijgt de schenker zijn plaats terug en schenkt hij weer de beker van de farao. Zo gebeurt het.
Drie manden brood
Vogels eten uit de bovenste mand. Over drie dagen zal de bakker sterven. Ook dat komt uit.
Zeven vette, zeven magere koeien
Zeven jaren van overvloed, en daarna zeven jaren van honger, zo zwaar dat niemand de goede jaren nog zal merken.
Zeven volle, zeven dorre aren
Hetzelfde nog eens: God laat het twee keer zien, omdat het vaststaat en spoedig gebeurt.
Van gevangene tot onderkoning
Op één dag van de cel naar het paleis. En dan staan zijn broers voor hem, zonder hem te herkennen.
Stap 1 van 6: De dromen van de farao
De dromen van de farao
De farao droomt van zeven vette koeien die door zeven magere worden opgegeten, en van zeven volle aren en zeven verschrompelde. Niemand kan het uitleggen, tot de schenker zich Jozef herinnert. Niet ik, zegt Jozef, maar God geeft de farao antwoord: zeven jaar overvloed komen, en daarna zeven jaar honger.
De koning droomde van koeien en graan. Jozef legde het uit: eerst zeven goede jaren, dan zeven jaren honger.
De weg van Jozef
Van het dal van Hebron naar een put bij Dotan, en met een karavaan naar Egypte. Later volgt de hele familie hem.
Vader stuurt hem weg
In het dal van Hebron stuurt Jakob Jozef naar zijn broers: ga kijken of het goed met hen gaat.
Vader Jakob zei: ga eens kijken hoe het met je broers gaat.
Jozef en Jezus
Al sinds de eerste eeuwen lezen christenen het leven van Jozef naast dat van Jezus. Zie je de lijnen?
De geliefde zoon van zijn vader
Genesis 37:3‘Dit is mijn Zoon, de geliefde’
Matteüs 3:17Door zijn broers afgewezen
Genesis 37:4Hij kwam bij de zijnen, en de zijnen ontvingen Hem niet
Johannes 1:11Verkocht voor twintig zilverstukken
Genesis 37:28Verraden voor dertig zilverstukken
Matteüs 26:15Verleid, maar trouw gebleven
Genesis 39:9In alles verzocht, zonder te zondigen
Hebreeën 4:15Onschuldig veroordeeld, naast twee gevangenen
Genesis 40:2–3Gekruisigd tussen twee misdadigers
Lucas 23:32–33Uit de diepte verhoogd tot naast de troon
Genesis 41:41–43Opgestaan en gezeten aan Gods rechterhand
Handelingen 2:32–33Geeft brood aan een hongerige wereld
Genesis 41:57‘Ik ben het brood van het leven’
Johannes 6:35Vergeeft wie hem kwaad deden
Genesis 50:19–21‘Vader, vergeef het hun’
Lucas 23:34
Het Nieuwe Testament trekt deze lijnen niet letterlijk: het is een manier van lezen uit de traditie van de kerk.
Weet jij het nog?
Zes vragen over Jozef.
6 vragen over het verhaal. Bij elk antwoord staat waar je het leest.
Vragen die mensen stellen
Eerlijk, ook waar christenen verschillend denken.
Wanneer leefde Jozef, en is er een spoor in Egypte?
Genesis noemt geen farao bij naam. Velen plaatsen Jozef in de tijd van de Hyksos, Semitische heersers in de Nijldelta (17e eeuw voor Christus); anderen eerder of later. Een direct spoor van Jozef is niet gevonden. Wel passen veel details bij Egypte: titels aan het hof, de zegelring, het balsemen, de leeftijd van 110 jaar als ideaal.
Was Jozef niet gewoon verwaand?
Hij vertelt zijn dromen zonder veel gevoel voor zijn broers, en Jakob berispt hem. Het verhaal laat zien hoe Jozef verandert: van vaders verwende lieveling tot iemand die zijn broers met tranen vergeeft.
Waarom stelde Jozef zijn broers zo op de proef?
De tekst zegt het niet uitdrukkelijk. Het lijkt erop dat hij wil weten of ze veranderd zijn: zouden ze Benjamin, de andere zoon van Rachel, net zo laten vallen als hem? Juda’s aanbod geeft het antwoord.
Wat doet het verhaal van Juda en Tamar midden in Jozefs verhaal?
Genesis 38 onderbreekt het verhaal en laat zien hoe ook Juda verandert. Uit Juda en Tamar komt Perez, voorvader van David en van Jezus (Matteüs 1:3).
Is Jozef een ‘beeld’ van Jezus?
Het Nieuwe Testament zegt dat niet letterlijk; Stefanus vertelt Jozefs verhaal wel als deel van Gods weg met Israël (Handelingen 7:9–14). Al sinds de kerkvaders zien veel christenen in Jozef een voorafschaduwing van Christus. Dat is een manier van lezen, geen bewering van de tekst zelf.
Exodus 1
Een nieuwe farao
Jozef laat zijn broers beloven dat ze zijn beenderen meenemen als God hen uit Egypte haalt. Eeuwen later neemt Mozes ze mee, en ze worden begraven in Sichem.
Generaties later komt er een koning die Jozef niet gekend heeft. Het volk wordt groot, en wordt slaaf. Dan begint het verhaal van Mozes.
Naar Mozes en de uittocht