Stromingen
Eén boom, veel takken
Het christendom begon met twaalf leerlingen en is nu de grootste godsdienst ter wereld. Onderweg groeiden er takken aan de boom. Hier zie je hoe ze ontstonden, wat hen typeert en hoe ze de Bijbel lezen.
Waar de boom zich vertakte
- 30–313
De vroege kerk
Na Pinksteren groeit de kerk in het hele Romeinse rijk, vaak onder vervolging. In 313 geeft keizer Constantijn de christenen vrijheid (Edict van Milaan).
- 325–451
De grote concilies
Kerkvergaderingen formuleren wie Jezus is: 'waarachtig God en waarachtig mens'. Nicea (325) wijst het arianisme af; na Chalcedon (451) gaan de oriëntaals-orthodoxe kerken (Koptisch, Ethiopisch, Armeens, Syrisch) hun eigen weg.
- 1054
Oost en West
De kerk van het Oosten (Constantinopel) en van het Westen (Rome) breken met elkaar, onder meer over het gezag van de paus. Zo ontstaan de oosters-orthodoxe en de rooms-katholieke kerk.
- 1517
De Reformatie
Maarten Luther publiceert zijn 95 stellingen. Hervormers roepen op terug te keren naar de Bijbel: alleen de Schrift, alleen genade, alleen geloof, alleen Christus.
- 1600–1900
Nieuwe bewegingen
Baptisten, methodisten en de opwekkingsbewegingen leggen de nadruk op persoonlijk geloof, bekering en zending.
- 1906–nu
Pinksteren en daarna
De pinksterbeweging (Azusa Street, Los Angeles, 1906) en later de charismatische en evangelische kerken groeien snel, vooral in Afrika, Latijns-Amerika en Azië.
De grote stromingen van vandaag
Wat hen verbindt is groter dan wat hen scheidt: het geloof in de drie-enige God en in Jezus Christus, gekruisigd en opgestaan.
Rooms-katholiek
Sinds: Vroege kerk; eigen weg sinds 1054
De westerse kerk rond de bisschop van Rome, de paus, die gezien wordt als opvolger van Petrus.
Kenmerkend
- Zeven sacramenten, met de eucharistie als hart
- Bijbel en traditie samen, uitgelegd door het leergezag
- Verering van Maria en de heiligen
- Wereldwijd één kerk onder de paus
De Bijbel
73 boeken, met de deuterocanonieke boeken. De Bijbel wordt gelezen binnen de traditie van de kerk.
Dichtbij: De grootste kerk in België.
Oosters-orthodox
Sinds: Vroege kerk; eigen weg sinds 1054
De kerken van het Oosten: Grieks, Russisch, Roemeens, Servisch en andere, elk met een eigen patriarch.
Kenmerkend
- De Goddelijke Liturgie, rijk aan zang en symbolen
- Iconen als 'vensters op de hemel'
- Nadruk op de vroege kerkvaders en de zeven concilies
- Vergoddelijking (theosis): God wordt mens opdat de mens deel krijgt aan God
De Bijbel
De Griekse vertaling van het Oude Testament met enkele extra boeken, gelezen in de liturgie en met de kerkvaders.
Oriëntaals-orthodox
Sinds: Eigen weg sinds 451
Kerken die het concilie van Chalcedon niet aanvaardden: Koptisch (Egypte), Ethiopisch, Eritrees, Armeens, Syrisch en Malankara (India).
Kenmerkend
- Een van de oudste christelijke tradities
- Eigen oude liturgische talen (Koptisch, Ge'ez, Armeens, Syrisch)
- Sterke traditie van vasten en kloosterleven
De Bijbel
De Ethiopische kerk heeft de grootste canon, met onder meer 1 Henoch en Jubileeën.
Luthers
Sinds: 1517
De kerken die voortkomen uit de hervorming van Maarten Luther in Duitsland en Scandinavië.
Kenmerkend
- Rechtvaardiging door geloof alleen
- Doop en avondmaal als sacramenten
- Een rijke traditie van kerkmuziek (Bach)
De Bijbel
66 boeken; 'alleen de Schrift' als hoogste gezag, met Christus als het hart van de hele Bijbel.
Gereformeerd
Sinds: 1520–1560
De hervorming van Zwingli in Zürich en Calvijn in Genève, sterk in Zwitserland, Nederland, Schotland en Hongarije.
Kenmerkend
- Gods soevereiniteit en genade
- Eenvoudige kerkdienst rond de preek
- Belijdenisgeschriften als de Heidelbergse Catechismus
- Kinderdoop en avondmaal
De Bijbel
66 boeken; de Bijbel legt zichzelf uit, en de preek staat centraal. De Statenvertaling (1637) komt uit deze traditie.
Dichtbij: De Protestantse Kerk in Nederland, de Verenigde Protestantse Kerk in België en vele gereformeerde kerken.
Doopsgezind en mennonitisch
Sinds: 1525
De 'radicale reformatie': gelovigen die zich als volwassene lieten dopen. Menno Simons (Friesland) gaf zijn naam aan de mennonieten.
Kenmerkend
- Doop op belijdenis van geloof
- Vredesgetuigenis: geen geweld
- De gemeente als gemeenschap van gelovigen
De Bijbel
66 boeken, met de Bergrede als richtsnoer voor het dagelijks leven.
Anglicaans
Sinds: 1534
De Kerk van Engeland, los van Rome sinds Hendrik VIII; nu een wereldwijde gemeenschap.
Kenmerkend
- Een 'middenweg' tussen katholiek en protestants
- Het Book of Common Prayer
- Bisschoppen en liturgie
De Bijbel
66 boeken; de apocriefe boeken worden soms gelezen 'tot voorbeeld', niet als basis voor de leer.
Baptisten en evangelisch
Sinds: 1609 en later
Baptisten ontstonden in 1609 onder Engelse vluchtelingen in Amsterdam; evangelische kerken groeiden uit de opwekkingen van de 18e en 19e eeuw.
Kenmerkend
- Persoonlijke bekering en relatie met Jezus
- Doop op belijdenis van geloof
- Zelfstandige gemeenten
- Zending en evangelisatie
De Bijbel
66 boeken; de Bijbel als betrouwbaar en gezaghebbend Woord van God, veel persoonlijk gelezen.
Methodisten
Sinds: 18e eeuw
Een opwekking binnen de Kerk van Engeland rond John en Charles Wesley, later een eigen kerk.
Kenmerkend
- Heiliging: groeien in liefde
- Sociale betrokkenheid
- Veel liederen (Charles Wesley schreef er duizenden)
De Bijbel
66 boeken, gelezen samen met traditie, verstand en ervaring.
Pinkster en charismatisch
Sinds: 1906
De opwekking van Azusa Street in Los Angeles (1906); nu een van de snelst groeiende christelijke bewegingen ter wereld.
Kenmerkend
- Doop en gaven van de Heilige Geest
- Levendige aanbidding en gebed om genezing
- Sterke groei in Afrika, Latijns-Amerika en Azië
De Bijbel
66 boeken; de Bijbel verwacht dat Gods Geest vandaag nog werkt zoals in Handelingen.
Hoeveel christenen?
- ca. 1,1 miljardRooms-katholiek
- ca. 800 miljoenProtestants (met anglicaans, evangelisch en pinkster)
- ca. 260 miljoenOrthodox (oosters en oriëntaals)
Pew Research Center, Global Christianity (2011); de aantallen zijn sindsdien gegroeid.
Wat de vroege kerk afwees
In de eerste eeuwen ontstonden leringen die de kerk toetste aan de Schrift en afwees. Hun antwoorden vormden de belijdenissen die christenen nog altijd delen.
Gnosticisme
2e–3e eeuwWat ze leerden
De materiële wereld is slecht, gemaakt door een lagere god. Redding komt door geheime kennis ('gnosis'). Jezus leek alleen maar een lichaam te hebben.
Het antwoord van de kerk
Ireneüs en andere kerkvaders: God schiep een goede wereld, en het Woord is echt vlees geworden (Joh. 1:14; 1 Joh. 4:2).
Marcionisme
ca. 140Wat ze leerden
Marcion zag de God van het Oude Testament als een andere, strenge god dan de Vader van Jezus, en schrapte het Oude Testament.
Het antwoord van de kerk
De kerk hield vast aan het Oude Testament: de God van Israël is de Vader van Jezus Christus, en Jezus vervult de Schriften (Luc. 24:27).
Montanisme
2e eeuwWat ze leerden
Montanus en twee profetessen brachten 'nieuwe profetieën' die volgens hen boven de apostolische leer stonden.
Het antwoord van de kerk
De kerk erkende profetie, maar stelde alles onder de toets van de apostolische Schrift.
Arianisme
4e eeuwWat ze leerden
Arius leerde dat de Zoon geschapen is: 'er was een tijd dat Hij er niet was'. Hij is dus niet werkelijk God.
Het antwoord van de kerk
Het concilie van Nicea (325): de Zoon is 'God uit God, Licht uit Licht, … één van wezen met de Vader'.
Pelagianisme
5e eeuwWat ze leerden
Pelagius leerde dat een mens uit eigen kracht goed kan leven en Gods genade in wezen niet nodig heeft.
Het antwoord van de kerk
Augustinus en de synodes van Carthago (418): de mens heeft Gods genade nodig om te geloven en goed te doen (Ef. 2:8–9).
Buiten de klassieke belijdenissen
Sommige groepen noemen zich christelijk, maar verschillen met de oude belijdenissen (zoals die van Nicea) over wie Jezus is.
Jehova's Getuigen
Jaren 1870, Verenigde Staten
Zien Jezus als Gods Zoon en als eerste schepping, niet als God zelf, en vereenzelvigen Hem met de aartsengel Michaël. Ze wijzen de Drie-eenheid af en gebruiken een eigen vertaling (de Nieuwe-Wereldvertaling).
Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen (mormonen)
1830, Verenigde Staten
Aanbidden Jezus als Gods Zoon en Verlosser, maar zien Vader, Zoon en Geest als drie afzonderlijke wezens, en hebben naast de Bijbel het Boek van Mormon als Schrift.
Unitariërs
16e eeuw en later
Zien God als één persoon en Jezus als een groot leraar of profeet, niet als God.