1Hurry, God, to deliver me. Come quickly to help me, Yahweh. 2Let them be disappointed and confounded who seek my soul. Let those who desire my ruin be turned back in disgrace. 3Let them be turned because of their shame Who say, “Aha! Aha!” 4Let all those who seek you rejoice and be glad in you. Let those who love your salvation continually say, “Let God be exalted!” 5But I am poor and needy. Come to me quickly, God. You are my help and my deliverer. Yahweh, don’t delay.
1Een psalm van David, voor den opperzangmeester, om te doen gedenken. 2Haast U, o God, om mij te verlossen, o HEERE, tot mijn hulp. 3Laat hen beschaamd en schaamrood worden, die mijn ziel zoeken; laat hen achterwaarts gedreven en te schande worden, die lust hebben aan mijn kwaad. 4Laat hen terugkeren tot loon hunner beschaming, die daar zeggen: Ha, ha! 5Laat in U vrolijk en verblijd zijn allen, die U zoeken; laat de liefhebbers Uws heils geduriglijk zeggen: God zij groot gemaakt! Doch ik ben ellendig en nooddruftig; o God, haast U tot mij; Gij zijt mijn Hulp en mijn Bevrijder; HEERE, vertoef niet!
Verse numbers follow the chosen translation and can differ by one verse in a few chapters.