律法
レビ記
Hoe kan een heilige God wonen te midden van onvolmaakte mensen? Leviticus antwoordt met offers, priesters, reinheidsregels en de Grote Verzoendag, en roept Israël op heilig te zijn 'want Ik ben heilig'.
聖書箇所や各書の解説は、今のところオランダ語のみです。聖書本文とアプリ自体は日本語で読めます。解説の翻訳も準備中です。
859節
- 聖書区分
- 旧約聖書
- ジャンル
- Wetgeving: offers, reinheid en heiligheid
- 著者
- Volgens de traditie Mozes
- 最初の読者
- Israël, en in het bijzonder de priesters
- 時代
- Zie Genesis; het priesterlijke materiaal wordt door veel onderzoekers laat gedateerd, door anderen vroeg
この書の中のイエス
De brief aan de Hebreeën leest de Grote Verzoendag (16) als voorafschaduwing van Jezus, de hogepriester die zichzelf offert (Hebr. 9–10). Jezus citeert 'heb je naaste lief als jezelf' (19:18) als het tweede grote gebod (Mat. 22:39).
構成
- 1–7OffersBrandoffer, spijsoffer, vredeoffer, zondoffer, schuldoffer.
- 8–10Priesters gewijdAäron en zijn zonen; het vreemde vuur van Nadab en Abihu.
- 11–15Rein en onreinVoedsel, geboorte, huidziekten.
- 16De Grote VerzoendagEén dag per jaar: verzoening voor het hele volk.
- 17–27Wees heiligHeiligheid in eten, seksualiteit, recht, feesten en het jubeljaar.